Voor de operatie
Als u in het ziekenhuis bent aangekomen, wordt u op de afdeling geholpen door een verpleegkundige.
Gesprek met de anesthesioloog
Voorafgaand aan de operatie heeft u een gesprek met de anesthesioloog. De manier van verdoven is afhankelijk uw keuze en uw lichamelijke conditie. De anesthesioloog zal dit met u bespreken en praktische instructies geven.
Vormen van verdoving:
- algehele anesthesie (narcose)
- plaatselijke of regionale verdoving (door middel van ruggeprik)
Plaatselijke of regionale verdoving kan eventueel worden gecombineerd met een slaapmiddel. Hierdoor zult u zelf van de operatie niets merken.
Vlak voor de operatie
Voor de operatie wordt u eerst naar de voorbereidingskamer gebracht. U krijgt een infuus ingebracht in uw arm zodat er tijdens de operatie medicijnen of vloeistoffen toegediend kunnen worden.
Als u bent voorbereid op de operatie, wordt u de operatiekamer binnen gereden. Controleapparatuur wordt aangebracht om onder andere uw bloeddruk en hartslag in de gaten te houden.

